2008 in Music – Top 50 Deel 4

11. Micah P. Hinson and The Red Empire Orchestra: s/t

11 Micah P Hinson & The Red Empire Orchestra

De beste Tindersticks plaat van het jaar kwam niet van Tindersticks, maar van deze Micah P. Hinson. Op zijn derde plaat wijkt Micah P. Hinson dan ook af van het americana pad door zijn sound te verrijken met sfeervolle strijkarrangementen, hetgeen op mij overkomt als een soort Amerikaanse versie van ‘Curtains’, het derde Tindersticks album. Warm aanbevolen plaatje voor potentiële zelfmoordenaars die nog dat extra duwtje in de rug nodig hebben. Een duwtje, dat er helemaal op het eind van de plaat ook komt, met het aanmoedigende ‘Dyin’ alone’. Ook het vermelden waard zijn de mooie, sfeervolle hoesfoto’s en de albumcover, waarmee dit album wat mij betreft de prijs voor het mooiste artwork van het jaar verdient.

Official site

MySpace

12. Steve Von Till: A grave is a grim horse

12 Steve Von Till - A grave is a grim horse

Mja, hoewel ik geen al te positieve herinneringen overhou aan deze plaat van Neurosis brulboei Steve Von Till, kan ik niet om deze sfeerrijke, gitzwarte gothic americana plaat heen. Deze plaat bevat immers dé ultieme begrafenismuziek. Het ene requiem volgt het andere op en met z’n diepdonkere grommende grafstem doodt Steve Von Till de levenden en wekt hij de doden weer tot leven. Bloemen verwelken spontaan, lieflijke tafereeltjes veranderen meteen in een bloederig horrordecor en een staalblauwe hemel kleurt meteen gitzwart als Von Till zijn dodelijke, lugubere grom laat vibreren. Naast Von Till klinkt zelfs Mark Lanegan als een Wiener Sänger knaapje. ‘A grave is a grim horse’ is dan ook een plaat waarin Steve Von Till nog diepere hellekrochten afdaalt dan Mark Lanegan destijds op ‘Scraps at midnight’. Als u nog een nieuwjaarsgeschenk zoekt voor uw persoonlijke Nonkel Van Grauwel is dit een absolute aanrader. Maar lees vooral ook de treffende recensie van dé Grote Guy Peters op Goddeau!

Official site

MySpace

13. Conor Oberst: Conor Oberst

13 Conor Oberst - Conor Oberst

Dé verrassing van het jaar voor mij, deze nieuwe plaat van Conor Oberst. En ik dacht vorig jaar nog wel dat het Bright Eyes album ‘Cassadaga’ een toevalstreffer was. Maar kijk, vanaf dit jaar en deze nieuwe plaat ben ik zowaar een fan geworden van Conor Oberst. En zeggen dat ik hem in 2005 met het verschijnen van ’I’m wide awake it’s morning’ nog een over het paard getild dartelend huppeltrutje vond. Maar op deze plaat klopt werkelijk alles en het is dat er nog 12 betere platen verschenen dit jaar, want dit zou bijvoorbeeld in 2003 ongetwijfeld mijn plaat van het jaar geweest zijn. Ik heb er in ieder geval met Conor Oberst een muzikale held bij. Sinds vorig jaar dus eigenlijk al, maar toen wist ik het nog niet. Bovendien zijn we zielsverwanten, Conor & ik: net als hij wil ook ik niet sterven in een hospitaal. Ik val ook nog liever dood dan uit vrije wil naar een ziekenhuis te gaan.

Official site

MySpace

14. The Raconteurs: Consolers of the lonely

14 The Raconteurs - Consolers of the lonely

Kiezen tussen Ryan Adams of Jack White is voor mij een haast even levensgroot dilemma als kiezen tussen een long of een nier afstaan. Toch wint Jack op punten van Ryan dit jaar. Ryan Adams mag dan met ‘Magick’ (sic) dé ultieme rock ‘n roll song van het jaar geschreven hebben; Jack White schreef dé ultieme rock ‘n roll plaat van het jaar. En goh ja, die overige bandleden binnen The Raconteurs… Tellen ze eigenlijk wel mee? Mij lijkt dit vriendenclubje eerder een tot groep opgewaardeerde solo uitspatting van Jack White die zijn muzikale vrienden als wederdienst ook een plekje in de spotlights gunt en laat meedelen in het succes en de roem. In ieder geval staat nu al vast dat The White Stripes volgend jaar opnieuw een potentiële kandidaat zijn voor mijn ‘plaat van het jaar’. Want met Meg White is Jack toch dat ietsje meer gefocust, waardoor de hier wel aanwezige overtollige spielerei op een The White Stripes album altijd achterwege blijft. Hét verschil tussen een top 10 of een top 20 notering, met andere woorden.

Official site

MySpace

15. Ryan Adams: Cardinology

15 Ryan Adams & The Cardinals - Cardinology

Het eeuwige credo ‘alles van Ryan Adams is goed’ blijft ook dit jaar met ‘Cardinology’ overeind, hoewel hij natuurlijk niet meer verrast. Maar ik kan er niets aan doen. Ik blijf een sucker voor die heerlijke geniale hooks en dito refreinen van God Ryan. Meer nog, ik vind Ryan Adams nu op ‘Cardinology’ beter dan ooit. Hij schijnt eindelijk dankzij The Cardinals zijn muzikale evenwicht gevonden te hebben. The Cardinals, en vooral dan Neal Casal denk ik dan, brengen duidelijk hoorbaar rust in het warhoofd van Ryan Adams en dat komt zijn muziek en zijn platen alleen maar ten goede. Je hebt het dan allemaal al eens eerder gehoord, maar uiteindelijk kan je niet anders dan toegeven dat Ryan Adams de allergrootste songschrijver van zijn (ook mijn) generatie is. Of is Jack White nog dat ietsje beter? Ik weet het niet. Ik weet wel dat Ryan de beste rocksong van het jaar geschreven heeft met het superaanstekelijke ’Magick’ (sic) dat een antwoord lijkt op Bruce Springsteen z’n ’Radio nowhere’ van vorig jaar. Ze zouden beiden in ieder geval eens een duoplaat moeten opnemen, R
yan Adams & Jack White. Het zou ongetwijfeld resulteren in de plaat van de eeuw. Of de flop van de eeuw. Want als 2 dergelijke ego’s clashen is het resultaat doorgaans fataal.

Official site

MySpace

16. The Band Of Heathens: The Band Of Heathens

16 The Band Of Heathens

Ik was eerst van plan om dit titelloze plaatje van The Band Of Heathens net voor de plaat van Drive-By Truckers te zetten (in mijn top 10 dus), maar ik heb het uiteindelijk niet gedaan. Uit voorzorg. Omdat iets me zegt dat er ‘iets’ niet koosjer is aan deze groep en hun plaat. Het klinkt gewoon té goed, en het plaatje ziet er in zijn geheel iets té perfect uit en daarom vertrouw ik het zaakje niet helemaal. Let wel, alles ‘klopt’ dus wel aan dit plaatje, in die zin dat werkelijk geen enkele song ondermaats is, en de produktie klinkt puur en rauw waardoor een vergelijking met The Band meteen voor de hand ligt. En laat net dát nu mijn struikelblok zijn. Die vergelijking met The Band deed me ook terugdenken aan die zatlapperij van The Felice Brothers van vorig jaar. Een groep waarvan ik de fake factor meteen doorhad. Bij The Band Of Heathens twijfel ik echter nog. Het geheel klinkt in ieder geval zo lekker dat ik de plaat maar blijf draaien en dat ik er dus niet omheen kan om deze plaat in mijn top 20 op te nemen. Met als gevolg dat het vanaf nu 2 richtingen uitkan met deze plaat: of ik heb me schromelijk vergist waardoor ik over een tiental jaar besef dat deze plaat een plaats in mijn top 5 verdiende. Of ik heb me schromelijk vergist waardoor ik over een tiental jaar besef dat deze plaat überhaupt geen plaats in mijn top 50 verdiende. Zeer verraderlijke, verleidelijke plaat dus. Hoor ze, en je bent meteen verkocht. Maar even later hoor je dus ook die adder onder het gras sissen.

Official site

MySpace

17. Chatham County Line: IV

17 Chatham County Line - IV

Op hun vierde plaat breidde Chatham County Line hun bluegrassroots sound uit dankzij de inbreng van garagerocklegende Chris Stamey. Niet dat Chatham County Line op ‘IV’ daardoor plots een garagebandje werd, en gelukkig maar. Stamey injecteerde louter het popgevoel van de garagerock in de bluegrass sound van de groep en dat zorgde duidelijk voor het hoognodige verse, nieuwe bloed, want op voorganger ‘Speed of the whippoorwill’ dreigde de groep in een straatje zonder eind te verzeilen. Het resultaat is dat Chatham County Line een plaat gemaakt heeft die niet alleen bestemd is voor bluegrass puristen, maar ook liefhebbers van Alison Krauss, Ryan Adams en alles daartussen zal kunnen bekoren. Met het hemelse ‘The carolinian’ bevat deze plaat overigens meteen ook één van mijn absolute favoriete songs van dit jaar. Owja, Chatham County Line speelt nog altijd zonder drums, maar dat valt niet eens op. Dat je de drums niet mist, zegt meteen veel over de torenhoge kwaliteit van de songs.

Official site

MySpace

18. Rachel Harrington: City of refuge

18 Rachel Harrington - City of refuge

Ik leerde dit jaar pas dankzij Peerke de fantastische Bobbie Gentry kennen (jaja ik weet het; stenig mij gerust hiervoor). Tot mijn grote vreugde zag ik enkele weken geleden dat Bobbie Gentry haar klassieke album ’Ode to Billy Joe’ heruitgebracht was. Weliswaar samen met haar album ’Touch ’em with love’ op één cd, maar dat kon me niet schelen. Het belangrijkste is dat nu eindelijk ook dat meesterlijke ’Ode to Billie Joe’ in m’n collectie prijkt. Wat dit alles met Rachel Harrington te maken heeft? Veel. Ten eerste heb ik, net zoals op het Bobbie Gentry album, bijna een heel jaar moeten wachten eer ik Rachel Harrington haar tweede album ’City of refuge’ via mijn platenboer kon verkrijgen (mja, Roen & online winkelen zal nooit een goed huwelijk worden). En ten tweede, en het belangrijkste: op haar ’City of refuge’ covert Rachel Harrington de klassieke song ‘Ode to Billie Joe’ van Bobbie Gentry. Het is slechts één van de vele hoogtepunten op een cd die na een goed half uur al afklokt, maar die je vanaf de eerste seconde meevoert naar een kleine 150 jaar geleden, naar de tijd en de sfeer van de Amerikaanse Burgeroorlog. Tenminste, zo hoor en zie ik die sfeer en die tijd in mijn verbeelding. Heerlijk stoffig klinkende folk dus wat Rachel Harrington serveert in dit toevluchtsoord voor americana liefhebbers die net zoals ik vorig jaar ook wég waren van Eilen Jewell haar ‘Letters from sinners & strangers’ en ‘Time (the revelator)’ van Gillian Welch tot hun eilandplaten rekenen. Wellicht zal ik mezelf na 29 mei 2009 vervloeken dat ik deze plaat nu zo laag gezet heb, want op die avond komt Rachel Harrington naar Toogenblik! En ik dus ook!

Official site

MySpace

19. Jim Byrnes: House of refuge

19 Jim Byrnes - House of refuge

Een plaat uit 2007, maar enkele weken geleden pas gekocht na een enthousiaste reactie erover van Peerke. In al mijn enthousiasme na de eerste luisterbeurten zette ik de plaat meteen in mijn voorlopige top 10, maar dat zou niet eerlijk geweest zijn tegenover de andere platen die me al het heel jaar vreugde en genot geschonken hadden. In ieder geval verdient de mij onbekende Canadees Jim Byrnes hoe dan ook een plaats in mijn top 20 met deze fenomenale rootsplaat, waarop Byrnes naast eigen werk enkele traditionals en covers van ondermeer Skip James (’Be ready when he comes’), Justin Rutledge (’Lay me down sweet Jesus’), Robert Johnson (’Last fair deal gone down’) en Nick Lowe (’The beast in me’) brengt. Te hoog gegrepen denkt u? Vergeet het maar. Jim Byrnes biedt deze vergeten parels op deze plaat een warm en gezellig toevluchtsoord waar ze we
er springlevend worden. Het uitstekende Belgische rootszine Ctrl.Alt.Country bedacht dit album niet voor niets met de eerste plaats in hun eindejaarslijstje van vorig jaar. Een plaat om in te wonen.

Official site

MySpace

20. Joan Baez: The day after tomorrow

20 Joan Baez - The day after tomorrow

Deze nieuwe cd van Joan Baez ben ik pas intens en aandachtig beginnen te beluisteren nadat ik tijdens ’Moshi’ op Radio 1 het pakkende, waargebeurde verhaal achter de song ‘Henry Russell’s last words’ gehoord had. Die song werd enkele jaren geleden geschreven door Diana Jones en handelt over een oude mijnramp waarbij een aantal mijnwerkers het leven lieten. In afwachting van zijn nakende dood schreef de in de titel vermelde Henry Russell ettelijke papiertjes vol, gericht aan zijn vrouw en kinderen. Tekstjes die Diane Jones zovele jaren later inspireerden tot deze schitterende klaagzang, die nu, slechts enkele jaren na de orginele versie, op briljante wijze gecoverd werd door Joan Baez. Het is meteen hét absolute hoogtepunt op deze coverplaat, waarvan bijvoorbeeld de titelsong ontleend werd van Tom Waits. Opvallend is dat deze plaat geprodjoest werd door Steve Earle, waarmee dit tegelijk de beste Steve Earle plaat is sinds ‘The mountain’ uit 2000. Earle zelf reikte Joan Baez 2 nieuwe zelfgeschreven songs aan met de fraaie albumopener ‘God is God’ en het magnifieke ‘I am a wanderer’; meteen de 2 allerbeste Steve Earle songs in jaren. Ook het afsluitende ‘Jericho road’ is van de hand van Steve Earle en stond vorig jaar nog op diens belabberde album ‘Washington square serenade’, maar komt hier pas in een a cappella versie volledig tot z‘n recht. Joan Baez wordt op 9 januari overigens 68 jaar, maar dat is nauwelijks te horen aan haar zangkwaliteit op ’The day after tomorrow’, waarmee ze schijnbaar moeiteloos in de winter van haar carrière nog een nieuw hoogtepunt breit aan haar indrukwekkende catalogus.

Official site