Maart 2004 : Slaid Cleaves – Wishbones

Het leek wel alsof de Belgische artiesten in maart allemaal tegelijk uit hun winterslaap ontwaakten. Van de 22 cd’s die ik kocht in maart waren er maar liefst 8 van Belgische makelij! Eigenlijk kocht ik 21 cd’s, want een gesigneerd exemplaar van ‘I like girls in Russia’ van Thou was een cadeautje van mijn overbuurvrouw. Iets wat je gekregen hebt apprecieer je automatisch wat meer, maar ik vond de nieuwe Thou hoe dan ook een enorme stap voorwaarts en dus hun sterkste cd tot nog toe. Flip Kowlier bevestigde dan weer zijn ambachtelijke songschrijverstalent met zijn tweede uitstekende soloplaat ‘In de fik’ en Camden fleurde met het oerdegelijke ‘Raj jin’ mijn zondagnamiddagen op. ‘One armed bandit’ van de zeurende zagen van Zornik heb ik inmiddels al cadeau gedaan aan mijn 16-jarige nichtje en ook debuutplaat ‘Acquired taste’ van Absynthe Minded liet mij Siberisch. Opmerkelijk: eeuwige sessiemuzikanten Kathleen Vandenhoudt en Tom Vanstiphout stelden met terechte trots hun sympathieke, hartverwarmende soloplaten voor. Tom Vanstiphout gaf met het lieflijke, emotionele ‘Motion’ zijn grote voorbeeld James Taylor het nakijken en Kathleen Vandenhoudt maakte met het roots-achtige ‘Heart & wings’ een plaat waarvan Melissa Etheridge alleen nog maar kan dromen. Een stelling die meteen bevestigd werd met ‘Lucky’, waarmee Melissa Etheridge tekende voor de draak van de maand. Ook Jonatha Brooke stelde na haar schitterende vorige platen zwaar teleur met het onsamenhangende ‘Back in the circus’. Indigo Girls tenslotte maakten met ‘All that we let in’ nog maar eens dezelfde plaat, waar ik het koud noch warm van kreeg. Jazeker, de fonkelende folkrockliedjes staken als vanouds knap in mekaar, maar ik heb nu onderhand wel genoeg Indigo Girls-platen. 

Ik kocht in maart trouwens opvallend veel americana cd’s. Daar waren vooral de in het genre gespecialiseerde informatieve webzines alt.country.nl en ctrlaltcountry.be verantwoordelijk voor. Dankzij deze webzines ontdekte ik in het verleden de muziek van americana-artieste Grey DeLisle, die in maart met het nieuwe ‘The graceful ghost’ een ronduit schitterende ouderwets klinkende americana-plaat uitbracht. Doordat het album met analoge apparatuur opgenomen werd, klinken de mierzoete ballads als eeuwenoude traditionals. Daardoor ademt het gracieuze ‘The graceful ghost’ de sfeer van de jaren ’30 van de Great Depression. Ook alt.country-topper Slaid Cleaves ontdekte ik via de bovenvermelde webzines. Vier jaar na alt.country-klassieker ‘Broke down’ bracht Cleaves in maart met het hartverterende ‘Wishbones’ eindelijk nog eens een nieuwe plaat uit. ‘Wishbones’ werd gedurende de rest van het jaar een regelmatig terugkerende, graag geziene gast in mijn cd-speler. Bij sfeerrijke, akoestische, verhalende songs als het bloedmooie ‘Below’ en het tragische ‘Borderline’ stapelden de kroppen in de keel zich telkens weer op, terwijl er spontaan panoramische beelden van het Amerikaanse platteland in mijn hoofd opdoemden. En heerlijk scheurende rootsrockers als ‘Wisbhones’, ‘Quick as dreams’ en ‘Tiger Tom Dixon’s blues’ nodigden bij iedere beluistering uit tot square dancen. Wie de laatste platen van Lucinda Williams een warm hart toedraagt, zou zeker eens ‘Wishbones’ van Slaid Cleaves moeten proberen. Beiden delen met Gurf Morlix alvast dezelfde producer op hun laatste albums en bovendien kan ik de southern drawl in de zacht schurende stem van Slaid Cleaves beter verdragen dan die in de snerpende, klagende stem van Lucinda Williams. Wiens bij Tom Waits geleende neanderthaler-geluiden ik helemààl niet kon verdragen, waren de kreten die Johnny Dowd op zijn laatste cd ‘Cemetery shoes’ uitbraakte. Maar ook in de muzikale opvulling van zijn onbeluisterbare liedjes gaf Dowd een uitermate irriterende derderangs Tom Waits-imitatie weg. Ik begreep dan ook totaal niet waarom ‘Cemetery shoes’ overal zo opgehemeld werd. Dan liever de goudeerlijke rootsliedjes van Nederlander JW Roy op zijn laatste en beste plaat tot nog toe ‘Kitchen table blues’. 

Nu ik toch bij smaakvolle Hollandse muziek beland ben: Daryll-Ann hing kort na de release van de nochtans uitstekende gitaarplaat ‘Don’t stop’ de gitaren definitief aan de wilgen. Zonde. Zeker als je weet dat nog zo’n goeie Hollandse band als The Gathering met het slaapverwekkende ‘Sleepy buildings’ een zoutloze, ongeïnspireerde unplugged live-cd afleverde. En dat een jaar na het indrukwekkende album ‘Souvenirs’! Ook Jools Holland bracht met ‘Friends 3’, waarop alweer heel wat van zijn beroemde muzikale vrienden acte de présence gaven, de minst geïnspireerde plaat uit zijn ‘Friends’-reeks uit. Maar het minst inspiratie van al trof ik aan op het suffe debuut ‘All years leaving’ van retrorockers The Stands. Dan sprak het wondermooie debuut van Dolorean meer tot de verbeelding. Deze groep vulde met ‘Not exotic’ moeiteloos de leemte op die ontstaan was na het verscheiden van sadcore-groep Spain. 

Hype van de maand werd Josh Ritter die zowat door iedereen bejubeld werd met zijn tweede plaat ‘Hello starling’. Niet dat ik ‘Hello starling’ een slechte plaat vind; verre van zelfs, maar dan verdiende oudgediende Elliott Murphy vorig jaar minstens evenveel lof voor zijn schitterende dubbelaar ‘Strings of the storm’. Daar moest ik immers spontaan aan denken toen ik ‘Hello starling’ voor het eerst hoorde. En sorry, maar dan vind ik de plaat van Elliott Murphy stukken béter dan die suf gehypte plaat van Josh Ritter! Toch verdient het mysterieuze akoestische ‘Wings’ een speciale vermelding, want dat was zonder twijfel hét absolute memorabele hoogtepunt van ‘Hello starling’.

Dé plaat waar iederéén in maart wel wat over te zeggen had en die meer negatieve dan positieve reacties kreeg, was ‘Another lonely soul’ van Novastar. Wellicht verwachtte men een doorslagje van het wonderlijke debuut, maar dat werd ‘Another lonely soul’ dus niét. De nieuwe plaat bevatte dan ook geen hapklare instant-hits zoals het debuut, maar wie volhardde werd beloond met 10 gelaagde, kristalheldere, Grootse Popsongs, waarmee het heerlijk onthaasten was. Toch was ‘Another lonely soul’ niet mijn absolute favoriete plaat van de maand maart. Dat was in de eerste plaats de fenomenale verzamelaar van soullegende Candi Staton. Maar gezien verzamelaars niet meetellen, ben ik genoodzaakt een ander album te kiezen. En dan kies ik verrassend genoeg misschien niét voor de plaat van Novastar, maar voor ‘Wishbones’ van Slaid Cleaves omdat ik uiteindelijk aan die plaat het hele jaar door het meeste luisterplezier beleefde. Benieuwd welke plaat het voor de maand april wordt? Lees dan vanaf maandagochtend het april-overzicht in mijn volgende blogupdate!