Album Top 50 van 2015: In the Name of the Father John Misty

40. The Deslondes :: The Deslondes

the deslondes

Debuteren op New West Records, hét kwaliteitslabel van de americana. Dan ben je geen klooiende sukkelaar. En inderdaad, de jonge, gretige honden van The Deslondes zijn geen sukkelaars want op hun titelloze debuutplaat steken ze de ‘o’ terug in de country zoals Hank III dat zo goed kon tot en met ‘Straight to hell’ uit 2006. Jammer dat ik ze niet live gezien heb tijdens Leffingeleure, want wie ze wel zag, spreekt van een revelatie. The Deslondes kleurden in ieder geval mijn zomer van 2015 met hun aanstekelijke country. Countryplaat van het jaar zou ik haast zeggen in al mijn enthousiasme, ware het niet dat er nog een andere pure countryman veel hoger staat in mijn lijst met zijn solodebuut.

 

39. Richard Thompson :: Still

richard thompson, still

Het probleem met ‘Electric’, de vorige plaat van Richard Thompson, was de producer: Buddy Miller probeerde de Britse folkrock van Thompson te gretig en te nadrukkelijk de amerikaanse alt.country in te sleuren, maar het resultaat was vlees noch vis. Toen ik voor de release van ‘Still’ vernam dat Jeff Tweedy deze keer de producer was, vreesde ik hetzelfde scenario. Tweedy heeft echter niet geprobeerd om Thompson nog eens in diezelfde val te lokken. Nee, Tweedy haalde het beste uit Thompson (uiteindelijk is dat het werk van producers: het beste halen uit de artiest en niet proberen de eigen stempel door te drukken), en zo klinkt ‘Still’ dan ook; als een showcase tot waartoe Richard Thompson allemaal in staat is. Een showcase die zijn climax bereikt in het fenomenale ‘Guitar heroes’, een ultieme muzikale ode van Thompson aan zijn helden / inspiratiebronnen. Een plaat als showcase zorgt er echter wel voor dat ‘Still’ wat klinkt als Thompson by numbers. En dus vind ik dat ‘Still’ niét tot het beste in Thompson z’n discografie hoort. ‘Still’ is eerder een goeie middenmoter in die indrukwekkende lijst platen én een revanche op die wat tegenvallende voorganger. Consumententip van de week: koop niet de lp of de gewone cd van ‘Still’. De deluxe edition (daar gaan we weer) bevat immers nog een tweede schijfje: de ‘Variations EP’; het verborgen goudmijntje van ‘Still’, dat ervoor gezorgd heeft dat Thompson in mijn jaarlijst staat.

 

38. Glen Hansard :: Didn’t He Ramble

glen hansard

‘Didn’t he ramble’ voelde aan als het terugzien van een ouwe vriend. Glen Hansard en zijn groep The Frames ontdekte ik pas in het najaar van 2002 dankzij Ayco Duyster toen ‘What happens when the heart just stops’ bijna wekelijks voorbijkwam tijdens Duyster. Ik kocht de bijhorende plaat ‘For the birds’, wat algauw een persoonlijke favoriete plaat werd. ‘For the birds’ had dat typische kale slowcore-geluid van die tijd, dat je toen ook hoorde in de muziek van bv. Low en Sigur Ros. Nadat The Frames er een punt achter gezet hadden, en frontman Hansard iets totaal anders en onzinnigs ging doen met Markéta Irglova in The Swell Season, was hij me kwijt. Hansard was in The Swell Season een zacht gekookt ei geworden. Ook zijn vorige soloplaat liet ik nog aan mij voorbijgaan, maar dankzij de Radio 1-single ‘Winning streak’ kruiste mijn pad na bijna 10 jaar terug dat van Hansard.  ‘Didn’t he ramble’ is dan wel geen terugkeer naar het weerbarstige van The Frames, maar het is gelukkig ook niet meer het dramatische gewauwel van The Swell Season.

37. Andrew Combs :: All These Dreams 

andrew combs

Coiffuur van het jaar. Die titel kunnen ze de toepasselijk genaamde Andrew Combs alvast niet meer afpakken. Aanvankelijk dacht ik dat ‘All these dreams’ het debuut was van Combs, maar mijn facebook muziekvrienden attendeerden me op zijn debuut ‘Worried mind’ van 3 jaar geleden. De hoes van die plaat herinnerde ik me meteen, want er was destijds heel wat discussie ontstaan over die plaat op de site van altcountry.nl. ‘All these dreams’ was in ieder geval een aangename kennismaking. Iets té aangenaam wellicht, want toen ik halverwege het jaar al eens de balans opnam, stond de plaat nog in mijn top 10. Er is niks mis mee met ‘All these dreams’, dat een sterk staaltje classic songwriting is. Mocht de plaat in de vroege jaren ‘70 verschenen zijn, was het nu wellicht een klassieker en paste ie mooi naast het jaren ‘70-werk van Neil Diamond. En dat is nu net mijn probleem met dit tweede plaatje van Combs: het klinkt me te braaf, te gelikt, te lief en te zoet. Hij mist dat scherpe randje van Neil Young. Soms, als mijn oren nood hebben aan brave, gelikte muziek, werkt ‘All these dreams’ wél, maar op andere momenten totaal niet. Dan heb ik goesting om die perfecte koiffuur van Combs eens goed door mekaar te husselen. De conclusie is dus dat zijn muziek klinkt zoals zijn coiffuur doet vermoeden.

 

36. Barna Howard :: Quite A Feelin’

barna howard

Zomerplaat van het jaar. De jonge Amerikaanse singer-songwriter Barna Howard leverde immers met zijn tweede plaat ‘Quite a feelin’ dé soundtrack bij de zwoele zomeravonden @ Roen’s Ranch. Met de waanzinnig mooie opener ‘Indiana rose’ grijpt de geboren verhalenverteller Howard, gezegend met een heerlijk melancholieke nasale stem, meteen je aandacht waarna je vervolgens 10 verhalende songs lang aan zijn lippen blijft hangen. Dankzij Howard herontdekte ik in mijn platenkast het jaren ‘70-werk van de ietwat vergeten Canadese singer-songwriter Gordon Lightfoot, want dat was dé naam die me meteen te binnen schoot tijdens openingstrack ‘Indiana rose’. Goh ja, misschien staat Howard uiteindelijk veel te laag in mijn jaarlijst. In mijn jaarlijst voor het americana magazine No Depression zette ik hem nog op nr.10. Dit is dan ook meer een symbolische notering, zo vlak na Andrew Combs. Ik vind Howard namelijk de betere van Combs.

 

35. Martha Bean :: When Shadows Return To The Sea

martha bean

Eindelijk nog eens een nieuw, jong, bloedmooi, sexy pianomeisje! Nieuwe meisjes, waar komen ze toch vandaan, meneer? Ze maken ons zo zot meneer! Mijn erotische en seksuele fantasieën over haar zal ik deze keer maar voor mezelf houden. Sommigen zijn immers nog altijd gechoqueerd van schrijfsels uit het verleden. In ieder geval heeft mooie Martha een droom van een debuutplaat gemaakt. Dat Martha klassiek geschoold is, hoort zelfs een simpele dove duif als ik, maar dat staat haar verbeelding gelukkig niet in de weg. Integendeel; haar vakkennis gebruikt ze louter in functie van de songs en haar verbeeldingskracht. Op haar debuut sleurt Martha de luisteraar uit de dagelijkse sleur om je vervolgens mee te nemen op haar heerlijke muzikale reis.

34. Richard Hawley :: Hollow Meadows

richard hawley, crooner

Romantiek en vooral nostalgie regeren op ‘Hollow meadows’, album nr.8 inmiddels voor Richard Hawley. De vroegere Hawley kon me nooit boeien, wegens te proper, te gelikt. Te veel Frank Sinatra, te weinig Elvis Presley, zoiets. Dat veranderde 3 jaar geleden echter met het waanzinnig psychedelisch rockende ‘Standing at the sky’s edge’. Wellicht was hij daarmee een groot deel van zijn publiek – dat tenslotte hield van Hawley de crooner – kwijt en dus greep hij voor zijn nieuwe plaat grotendeels terug naar zijn oude sound, al klinken er hier en daar nog wat vage echo’s van de vorige plaat door. Toch hou ik van ‘Hollow meadows’. Is het oudere Roeneke dan toch milder en wijzer geworden? Weet ik veel. Wat ik wel weet is dat Hawley me meteen bij het nekvel greep met die allereerste noten van de wondermooie openingstrack ‘I still want you’; een song die gewoon smeekt om te mogen fungeren als soundtrack in een melige romcom. Maar ‘Hollow meadows’ is in zijn geheel zo’n zeldzame plaat in de categorie ‘all killer, no filler’. Grootse songs, grootse plaat.  

 

33. Ryley Walker :: Primrose Green

ryley walker

Visioenen heeft Ryley Walker me bezorgd met zijn kruisbestuiving van bedwelmende folkrock en jazz. Visioenen van bloedmooie, geile, naakte meisjes die vrolijk en lachend door een boterbloemenweide huppelen en dartelen en zich vervolgens aan mijn goddelijke lichaam laven. In iets nuchtere toestand doet Walker me twijfelen. En dat zijn dan de momenten dat ik wou dat ik nog een muzikale maagd was. Zonder voorkennis twijfel je immers niet en geniet je gewoon van deze zinnenprikkelende muziek. Nu echter, met al die loodzware muzikale bagage, stel je je vragen bij iemand als Ryley Walker. Is hij een authentieke revivalist, die de gouden tijden doet herleven van eind jaren ‘60, begin jaren ‘70 toen magiërs als Van Morrison, Bert Jansch en Tim Buckley hun ultieme meesterwerken uit hun gitaar toverden met dit soort folkrock-jazz?  Of is hij een poseur, een opportunist of gewoon een hipster die zijn onmiskenbare muzikale talent louter aanwent om te scoren? Voorlopig geef ik hem het voordeel van de twijfel.

32. Father John Misty :: I Love You, Honeybear

father john misty, j tillman

Ongelooflijk wat een metamorfose J. Tillman doorgemaakt heeft. Vergelijk zijn vroegere platen met zijn 2 recentste platen onder zijn nieuwe nom de plume en je hoort 2 verschillende artiesten. Eerlijk gezegd verkies ik nog steeds de vroegere timide sombermans J. Tillman boven het showbeest Father John Misty. Als zichzelf was Tillman tenminste nog authentiek, nu gedraagt hij zich teveel als toneelspeler. Hetzelfde probleem heb ik overigens al jaren met Tom Waits. Die klassieke debuutplaat, daar hoorde je nog de echte Tom Waits. Nadien nam de crowdpleaser, de clown, de circusartiest het steeds meer over. Met J. Tillman is het niet anders en dat is jammer. Toch verdient hij een plaats in mijn jaarlijst omdat hij met ‘I love you, honeybear’ een perfecte, pure popplaat heeft afgeleverd. Maar wellicht heb ik ‘m veel te hoog gezet…

 

31. Blitzen Trapper :: All Across This Land

blitzen trapper

Laat gekocht pas, dit nieuwe, achtste album alweer van de Amerikaanse rootsband Blitzen Trapper. Na het tegenvallende ‘American goldwing’ van 4 jaar geleden, hield ik het voor bekeken met de groep. Die veroordeling kwam er misschien te snel. Dat besefte ik pas toen ik deze nieuwe plaat voor het eerst hoorde (dankzij, jawel, spotify!). Blitzen Trapper heeft met ‘All across this land’ namelijk een aanstekelijke old school classic rock-plaat gemaakt, die hen in vroegere, betere tijden ongetwijfeld moeiteloos naar het rocksterrendom zou gekatapulteerd hebben. Nu echter, lijkt het alsof niemand deze plaat opgepikt heeft, en dat is zonde. De vorige plaat, ‘VII’, die ik compleet negeerde, moest ik misschien ook maar eens spotifaaien…